Dauw

Als het 's nachts snel afkoelt kan er dauw vormen. Dit zorgt ook in de ochtend voor nat gras.

Druppeltjes op dunne, sterk afgekoelde voorwerpen (vooral planten of gras) ontstaan door rechtstreekse condensatie van waterdamp (overgang van damp in water). De temperatuur koelt af naar het dauwpunt en het water in de lucht condenseert. Bij temperaturen onder nul ontstaat geen dauw in de vorm van waterdruppeltjes, maar gaat deze over in ijskristallen en ontstaat rijp. Dauw- en ijsvorming treedt vooral op tijdens kalme wolkeloze nachten, als de afkoeling het grootst is.

Zo'n drie eeuwen geleden was dauw, dat vooral op een spinnenweb of grassprietjes in de zon fraai glinstert, nog een mysterie. Zelfs de beroemde Utrechtse natuurkundige Petrus van Musschenbroek dacht rond 1735 nog dat het uit de aarde of planten zelf kwam.



Dauwpunt
Het dauwpunt is de temperatuur waarbij waterdamp begint te condenseren door afkoeling van de lucht zonder dat vocht wordt toegevoerd of afgevoerd. Zodra de dauwpuntstemperatuur wordt bereikt is de lucht verzadigd met waterdamp en bedraagt de relatieve vochtigheid 100% en vormen er kleine waterdruppeltjes.

Denk maar aan de bril die beslaat zodra je in een warmere vochtige omgeving komt. Eerst is de temperatuur van de bril nog lager dan het dauwpunt van de lucht rond de bril, waardoor het vocht op de brillenglazen condenseert en de bril tijdelijk beslaat. Zodra je bril warmer wordt verdampt het water weer.

In de meteorologie is dauwpunt een belangrijke parameter. Zo wordt het dauwpunt gebruikt voor de berekening van de wolkenbasis, de kans op mist en mogelijke ijsvorming op vliegtuigen tijdens de vlucht. Een hoog dauwpunt zorgt ook voor een grotere kans op onweersbuien.
 

Bron: KNMI / WeerOnline

Auteur: Natalie Theeuwes | 17 augustus 2009 14:30